Vlaamse werkbaarheidsmonitor werknemers - meting 2016

    Project status
    Lopend

    De werkbaarheidsmonitor brengt sedert 2004 driejaarlijks de kwaliteit van de jobs of de werkbaarheid cijfermatig in beeld. Voor verschillende deelgroepen (bv mannen, vrouwen, leeftijdsgroepen, grote en kleine organisaties ...) en sectoren wordt becijferd hoe jobs scoren op het vlak van werkstress, motivatie, leermogelijkheden en werk-privé-balans.

    De werkbaarheidsmonitor kwam er op initiatief van de Vlaamse sociale partners die met de Vlaamse Regering afspraken te streven naar meer kwaliteitsvolle jobs. Die afspraken zijn concreet gemaakt in het zogenaamde Toekomstpact voor Vlaanderen (Pact 2020). De Stichting Innovatie & Arbeid kreeg de opdracht om de werkbaarheid in Vlaanderen cijfermatig in beeld te brengen.

    Wat onderzoeken we?

    De werkbaarheidsmonitor meet vier belangrijke aspecten van arbeidskwaliteit: psychische vermoeidheid (werkstress), welbevinden in het werk (motivatie), leermogelijkheden en de balans tussen werk en privé. Werkbaar werk houdt in dat je door het werk gemotiveerd wordt en kansen krijgt om bij te leren. Het houdt ook in dat je er niet problematisch overspannen van wordt en dat de werk-privébalans in evenwicht is. Werkbaar werk of de werkbaarheidsgraad is het percentage dat niet problematisch scoort voor én werkstress én motivatie én leermogelijkheden én werk-privé-balans.
    Kwaliteit van de arbeid komt tot stand in een context waarin een hele reeks factoren een rol spelen. De werkbaarheidsmonitor kijkt naar mogelijke sleutels op de werkplek zelf om de werkbaarheid van jobs te verbeteren. Deze sleutels zijn: de werkdruk (heeft te maken met werktempo, tijdslimieten), de emotionele belasting (vooral belangrijk bij zogenaamde contactberoepen zoals verpleging, onderwijs, klantendiensten), de afwisseling in het werk, de autonomie in het werk (de mate waarin men invloed heeft op de planning en organisatie van het werk), de mate waarin men door zijn of haar directe leiding wordt ondersteund en ten slotte de  (fysieke) arbeidsomstandigheden (veiligheids- en gezondheidsrisico’s).

    Werkwijze

    De werkbaarheidsenquête is een schriftelijke bevraging van een representatief staal van werknemers (Vlaams Gewest). In 2016 werden 30.000 werknemers bevraagd en werd een nettorespons van 40,6 % opgetekend.

    Timing

    De werkbaarheidsenquête wordt om de drie jaar uitgevoerd. De eerste meting werd uitgevoerd in 2004, de recentste in 2016.

    Resultaten

    In 2016 had 51% van de werknemers op de Vlaamse arbeidsmarkt een job die het kwaliteitslabel ‘werkbaar werk’ meekrijgt. Na een geleidelijke verbetering in het voorbije decennium, valt de werkbaarheidsgraad terug op het peil van 2004. Een blik op de onderliggende werkbaarheidsindicatoren geeft een duidelijk zicht op (positieve en negatieve evoluties in) de werksituatie van Vlaamse werknemers. De meest in het oog springende vaststelling van de werkbaarheidsmonitor 2016 is de fikse stijging van de probleemscores in het cluster ‘werkdruk en stress’, die blijkbaar ook een domper zetten op werkplezier en motivatie. Voor de werkbaarheidsdimensie ‘leermogelijkheden in het werk’ in het afgelopen decennium systematisch en substantieel vooruitgang werd geboekt. Work-life-balance-conflicten vormen het minst frequent gesignaleerde werkbaarheidsknelpunt.

    Figuur 1: % werkbare jobs (groen) en niet-werkbare jobs (oranje), werknemers, 2004-2016

    Een volledig overzicht van alle publicaties uit de metingen van 2004 tot en met 2016 vind je hier terug.
    De Stichting ontwikkelde daarnaast ook een handige tool om de werkbaarheid van werk in uw eigen bedrijf of organisatie na te gaan en te optimaliseren. Deze tool vind je hier terug.