Advies uitrol duaal leren

    advies op eigen initiatief

    De SERV gelooft sterk in de meerwaarde van het Duaal Leren en zet daarom graag zijn schouders onder de uitbouw van deze nieuwe leerweg. De sociale partners maken zich echter zorgen over de huidige uitrol van het Duaal Leren.

    Zo vindt de SERV dat de ambities gerust hoog mogen zijn. Er zijn niet enkel proeftuinen Duaal Leren nodig in het BSO, maar veel meer dan vandaag ook in het TSO en in de toekomst ook in het ASO en het hoger onderwijs. De SERV wil in het decreet Duaal Leren geen voorafnames mogelijk maken van het minimaal aantal uren leren op de werkplek. Dat plaatst het Duaal Leren in een keurslijf dat de ontwikkeling ervan, zeker in het TSO, kan afremmen. Alle competenties die op de werkvloer verworven kunnen worden, moeten wel aan de werkvloercomponent toegewezen worden.

    Met het oog op de verdere uitbouw en de brede verspreiding van Duaal Leren pleit de SERV voor duidelijkheid en eenheid in aansturing, liefst via één herkenbaar regie-agentschap, Dat kan dan het uithangbord van Duaal Leren zijn voor scholen, leerlingen, ouders, bedrijven, sectoren … De raad vraagt een kostenanalyse om een correcte financiering van Duaal Leren te voorzien, want nu worden de extra inspanningen voor werkgevers én scholen sterk onderschat. Tot slot vraagt de SERV om alle (tussentijdse) resultaten van lopende evaluaties ter beschikking te stellen om maximaal te leren uit het eerste proeftuinjaar.