Voorontwerp van decreet tot bescherming van geografische aanduidingen voor ambachtelijke en industriële producten en tot wijziging van het AVG-decreet VLAIO en voorontwerp van besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van (datum) tot bescherming van geografische aanduidingen voor ambachtelijke en industriële producten.
De sociale partners ondersteunen de doelstelling om geografische aanduidingen voor ambachtelijke en industriële producten beter te beschermen. Deze regeling helpt producenten zich te onderscheiden, beschermt consumenten tegen namaak en misbruik, versterkt de economische waarde van streekgebonden producten en bevordert de erkenning van hun geografische herkomst. Geografische aanduidingen zijn niet alleen een instrument van intellectuele eigendom, maar ook van economisch en regionaal beleid. Ze dragen bij aan de concurrentiekracht van ondernemingen, het behoud van lokale werkgelegenheid, vakkennis en ambachtelijke tradities, en de bescherming van cultureel en industrieel erfgoed. Zo ondersteunen zij zowel duurzame regionale ontwikkeling als de versterking van de Europese concurrentiepositie.
De Vlaamse sociale partners stellen vast dat gekozen wordt voor een laagdrempelig systeem met kosteloze registratieaanvragen, begeleiding van producentengroeperingen en de mogelijkheid om gebruik te maken van een systeem van eigen verklaringen. Deze keuzes kunnen bijdragen tot een toegankelijke regeling voor kmo's en ambachtelijke ondernemingen, inclusief sociale ondernemingen.
De sociale partners merken daarnaast op dat belangrijke elementen van het systeem, zoals de organisatie van controles, de rol van certificeringsinstanties, de toepassing van eigen verklaringen en de werking van het productmonitoringsysteem, nog beperkt zijn uitgewerkt. Zij vragen daarom voldoende transparantie en rechtszekerheid over de verdere uitvoering, zodat ondernemingen tijdig duidelijkheid krijgen over hun verplichtingen, de controlemodaliteiten en de mogelijke daaruit voortvloeiende administratieve lasten.
De sociale partners vragen verder bijzondere aandacht voor de bescherming van persoonsgegevens, gelet op de ruime gegevensverwerking en de voorziene bewaartermijnen. Daarbij moet blijvend worden gewaakt over de noodzaak, proportionaliteit en rechtszekerheid voor de betrokken ondernemingen.
Wat de retroactieve inwerkingtreding van het decreet betreft, stelt de SERV vast dat deze wordt gemotiveerd door de noodzaak om de Vlaamse regelgeving af te stemmen op de toepassingsdatum van Verordening (EU) 2023/2411, met name 1 december 2025. Hoewel deze afstemming vanuit het oogpunt van rechtszekerheid begrijpelijk is, lijkt de memorie van toelichting onvoldoende concreet te onderbouwen waarom de terugwerkende kracht daadwerkelijk onontbeerlijk is. De SERV beveelt daarom aan de motivering aan te vullen met een meer concrete toelichting waaruit blijkt welk rechtszekerheidsprobleem of welke juridische onzekerheid zou ontstaan indien het decreet niet met terugwerkende kracht in werking zou treden.
Ten slotte vragen de sociale partners dat de Vlaamse overheid actief inzet op sensibilisering, begeleiding en promotie zodat diverse ondernemingen daadwerkelijk gebruik maken van het nieuwe Europese beschermingssysteem. In het bijzonder kmo’s (in de social profit) opereren in de ruimte van sociale, circulaire en lokale economie en zullen mits toeleiding hier actiever van gebruik kunnen maken. De economische meerwaarde van geografische aanduidingen zal immers slechts gerealiseerd worden indien voldoende producenten en sectoren de weg naar het systeem vinden.