Missiegedreven innovatiebeleid

Een verkenning aan de hand van buitenlandse beleidsontwikkeling

Hoe kunnen we de technologische innovaties en het innovatiebeleid explicieter ten dienste stellen van de maatschappij en van wat de burgers belangrijk vinden? Welke missies of visionaire stappenplannen leggen we met het innovatiebeleid vast om de sociale, ecologische en economische grote uitdagingen van de 21ste eeuw aan te pakken? Het is een vraag waarover wereldwijd innovatiebeleidsmakers zich buigen en oplossingen voor zoeken. ‘Mission-Oriented Innovation Policy’ (MOIP) of het ‘missiegedreven innovatiebeleid’ is trending maar de beleidsontwikkeling staat nog in de kinderschoenen.

De Stichting Innovatie & Arbeid maakte daarom een stand van zaken op, een verkenning aan de hand van buitenlandse beleidsontwikkeling. De grondslag en motieven van dit beleid, de evoluties en tendensen die aan de oorsprong liggen en de dimensies en bouwstenen van missiegedreven innovatiebeleid worden in dit onderzoeksrapport geanalyseerd. Deze inzichten dienden als basis voor het advies dat de SERV recent uitbracht. Daarin houden de sociale partners een pleidooi om ook in Vlaanderen hiervan verder werk te maken.

Bouwstenen van missiegedreven innovatiebeleid

De grote maatschappelijke uitdagingen vragen niet enkel een technologische versnelling maar vaak ook een sociale en/of institutionele oplossing. Dit missiegedreven innovatiebeleid kan bijgevolg zowel gericht zijn op technologische moonshots (acceleratormissies) als op meer complexe problemen die een maatschappelijke transitie vergen met een hele waaier aan technologische en niet-technologische oplossingen (transformermissies).
 
Aan de uitrol van missiegedreven innovatiebeleid gaat een heel proces vooraf. In de opstartfase staat de strategische oriëntatie centraal. Welke missiedomeinen stellen we prioritair, welke specifieke missie(s) beogen we, welke stakeholders informeren en consulteren we en hoe vertalen we maatschappelijke uitdagingen in ambities met concrete meetbare doelstellingen en roadmaps?
 
De motor van het missiegedreven innovatiebeleid bestaat daarbij uit de vastlegging van een set van aangepaste instrumenten, die kaderen in een consistent en gecoördineerd beleid, ondersteund vanuit een daartoe aangeduide missie-organisatie.
 
Concrete programma’s en projecten, in een vastgelegd tijdskader, gemonitord en desgevallend bijgestuurd aan de hand van vooraf overeengekomen indicatoren, vormen de implementatie van dit beleid.

Maatschappelijk draagvlak

Een ondersteunend maatschappelijk draagvlak is essentieel bij een missiegedreven innovatiebeleid. Het is gebaseerd op een tweerichtingsverkeer tussen overheid en burger. Dit wederzijds engagement wordt geconcretiseerd in diverse gedaanten, en in verschillende fasen van de uitrol van een missie. Bottom-up gaat het voor het maatschappelijk middenveld om:

  • co-creatie bij het vastleggen van missies,  
  • co-implementatie bij de uitvoering van de innovatieprocessen,
  • en co-assessment bij monitoring en evaluatie.

Top-down gaat het om beleids- en wetenschapscommunicatie, en -disseminatie.  

‘Quadruple helix’ of vier pijlers in het innovatieproces

De bouwstenen van een missiegedreven innovatiebeleid steunen op een Quadruple Helix benadering. Dit concept is een innovatie- en samenwerkingsmodel dat uitgaat van de dynamiek tussen vier pijlers:  

  • de overheid,
  • het bedrijfsleven,
  • de academische wereld,
  • burgers en het maatschappelijk middenveld.  

De operationalisering van dit Quadruple Helix model berust telkens op een zorgvuldig voorafgaand proces van stakeholder-mapping, waarbij voor elk van de vier pijlers in kaart gebracht wordt welke specifieke stakeholders betrokken partij zijn. Ook het sociaal overleg of de individuele sociale partners kunnen hierin in verschillende gedaanten en fasen vertegenwoordigd zijn.  

Leren van de buren

De aanpak van missiegedreven innovatiebeleid bevindt zich nog in de exploreerfase. Bij gebrek aan een standaard handleiding, kunnen buitenlandse voorbeelden inspiratie bieden. In dit stadium zijn dit niet zozeer ‘best’ maar eerder ‘good practices’. Ze bestaan vooral uit aanbevelingen van experten, en uit vergelijkende analyses van bestaande strategieën en projecten die omwille van diverse kenmerken als voorlopers van het nieuwe missiegedreven beleid kunnen beschouwd worden. Het gaat dan om nationale of Europese strategieën die expliciet gericht zijn op concrete maatschappelijke uitdagingen en reeds enige implementatie kennen, zoals bijvoorbeeld in Nederland, Duitsland, Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk of bij Horizon Europe. Of het gaat over specifieke missiegedreven initiatieven, zoals de Energiewende (Duitsland), Vinnova (Zweden), Pilot-E of de 21-Platforms (Noorwegen).

Innovatiebeleid verder innoveren

De aanpak van een missiegedreven innovatiebeleid vraagt om inventief en creatief maatwerk door een wendbare overheid. Het integreren van missies in het innovatiebeleid is steeds contextueel.  
Door burgers te betrekken, verschillende disciplines en sectoren te overbruggen en onderzoek en innovatie te verweven met algemene beleidsoverwegingen, kan een dynamische omslag in de beleidsvorming gerealiseerd worden.