Je bent hier

Advies Beleidsnota Energie en Klimaat 2024-2029

Goede kapstokken met slagpotentieel. De SERV waardeert dat de Beleidsnota Energie en Klimaat 2024-2029 werk maakt van de drie werven die de SERV in haar prioriteitennota voor 2024-2029 rond energie en klimaat naar voren schoof: een defossiliseringsstrategie, collectieve projecten en een gezonde prijsverhouding. De Beleidsnota bevat dan ook kapstokken om de komende legislatuur de energietransitie haalbaarder en betaalbaarder te maken voor gezinnen en ondernemingen en om hen minder afhankelijk te maken van onzekere fossiele energie-import.

Overtuigende defossiliseringsplannen. De beleidsnota voorziet heel wat initiatieven om defossilisering te versnellen, zoals de omzetting van de talrijke EU-richtlijnen en de voorbereiding van de Klimaat- en Energieplannen. De SERV hoopt dat er - na overleg – snel duidelijkheid komt over de defossiliseringsagenda en hoe die ruimtelijk en lokaal ingevuld zal worden. Duidelijkheid helpt gezinnen én ondernemingen om investeringen te plannen en sociaal-economische kansen van de transitie te benutten. Communicatie over de potentiële impact van ETS2 kan helpen om de sense of urgency voor defossilisering te verhogen. Verder hangt defossilisering samen met de uitbouw van energie-infrastructuur. De SERV kijkt bijvoorbeeld uit naar de initiatieven om meer ruimte te maken voor Vlaamse onshore wind. Ook de veiligheid van energie-infrastructuur moet voldoende aandacht krijgen.

Ruimere collectieve projecten. De SERV verwelkomt de collectieve renovaties. De SERV had gevraagd naar dergelijke collectieve projecten als noodzakelijke aanvulling op de overige beleidsinstrumenten die zich sterk beroepen op de individuele verantwoordelijkheid. Die collectieve projecten kunnen ook integraler werken en bijdragen aan andere doelen zoals minder armoede en meer cohesie, minder woonschaarste, meer vergroening en klimaatadaptatie, … Wijkprojecten die tegelijk inzetten op meer woonaanbod en verdichting kunnen bijvoorbeeld financiële ruimte creëren om de renovaties voor kwetsbare groepen te financieren. Daarnaast kan een collectieve aanpak ook bedrijven en bedrijventerreinen helpen met de energietransitie én kunnen collectieve projecten bedrijven inschakelen als aanbieders van oplossingen.

Gegarandeerde gezonde prijsverhouding. De beleidsnota besteedt veel aandacht aan de financiering van de energie- en klimaattransitie, al blijven er nog enkele vraagtekens. Zo is er nog onduidelijkheid over de ETS1- en ETS2-middelen, de energiepremies, de autofiscaliteit en de prijsverhouding. De SERV waardeert in ieder geval de aangekondigde inspanningen om de prijsverhouding tussen fossiele brandstoffen en elektriciteit te verbeteren via dalende Vlaamse openbare dienstverplichtingen in de elektriciteitsfactuur en een taks shift. Ook het aangekondigde gasexitbeleid kan de prijsverhouding verbeteren als het zich concretiseert in snellere gasnetafschrijvingen. Bijkomend zou een meer geïntegreerde infrastructuurplanning en de aanpak van de schulden en de financiële lasten van Fluvius een stijging van de elektriciteitsnetkosten en de daarmee verbonden verslechtering van de prijsverhouding kunnen beperken. Tot slot hoopt de SERV dat de betere prijsverhouding ook een gegarandeerde gezonde prijsverhouding wordt door een mechanisme dat hiervoor samen met de federale overheid wordt uitgewerkt.

Overleg voor sociaal-economische slagkracht. De SERV maakt zich op om de komende legislatuur rond het energie- en klimaatbeleid met onderbouwde adviezen en rapporten in overleg te treden. Via overleg kan de sociaal-economische gedragenheid van het energie- en klimaatbeleid versterken, kunnen krachtige netwerken geactiveerd worden én kunnen de sociaal-economische opportuniteiten van de energie- en klimaattransitie beter geplukt worden.

  • advies op eigen initiatief