Je bent hier

Rapport: sectorale werkbaarheidsmeting vastgoedsector PC323 2025

De sociale partners in de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) dragen al vele jaren de boodschap uit dat kwaliteitsvolle jobs nodig zijn om werknemers duurzaam inzetbaar te houden, en om langer doorwerken haalbaar te maken. Ze zetten daarom resoluut in op ‘werkbaar werk’ werk waarvan je niet overspannen of ziek word da boeiend en motiverend is kansen biedt op bijblijven/ bijleren en voldoende ruimte laat voor gezin en privéleven. 

In december 2018 lanceerden de sociale partners en de Vlaamse regering het Actieplan Werkbaar Werk; waarbij zij ook de sectoren aanmoedigen om een versnelling hoger te schakelen in het uitrollen van een beleid gericht op meer werkbaar werk, o.a. via de sectorconvenants. Om sectoren hierin te ondersteunen werd de mogelijkheid geboden –in eerste instantie als pilootproject– om de situatie en uitdagingen op vlak van werkbaar werk in hun sector te bevragen via een sectorale werkbaarheidsmeting (naar analogie met de Vlaamse werkbaarheidsmonitor). Dit met ondersteuning van de Stichting Innovatie & Arbeid van de SERV. 

Om de vinger aan de pols te houden inzake werkbaar werk, brengt Stichting Innovatie & Arbeid, - het onderzoekscentrum van de SERV-, de kwaliteit van jobs in Vlaanderen immers sinds 2004 gedetailleerd in kaart via een grootschalige, schriftelijke bevraging (driejaarlijks, en sinds 2019 vierjaarlijks). De resultaten van deze Vlaamse werkbaarheidsmeting worden ook steeds gerapporteerd op sectorniveau; echter met een aantal beperkingen. Zo wijst de respondent zichzelf toe aan een sector en laat de omvang van de gerealiseerde steekproef niet toe om voor iedere sector een gedetailleerd sectorprofiel inzake werkbaar werk op te maken. 

Vandaar kunnen sectoren ook ingaan op het aanbod om een sectorspecifieke bevraging te organiseren bij werknemers, in samenwerking met Stichting Innovatie & Arbeid. Daarbij wordt de methodologie van de Vlaamse werkbaarheidsmonitor nauwgezet gevolgd zodat benchmarking met de Vlaamse arbeidsmarkt én relevante deelgroepen mogelijk is. In 2021 werd deze mogelijkheid voor het eerst aangeboden en werden pilootstudies georganiseerd in de houtsector (WOODWIZE) en bij de bedienden in de internationale handel, vervoer en logistiek (LOGOS). Na een grondige evaluatie van de sectormetingen 2021 werd voor geïnteresseerde sectoren opnieuw de mogelijkheid aangeboden om in 2025 een sectormeting te organiseren. De vastgoedsector (Fonds 323) ging in op het aanbod. 

Werkbaarheid is binnen de vastgoedsector niet alleen een bewuste beleidskeuze, maar ook een structurele noodzaak in tijden van aanhoudende arbeidsmarktkrapte. Duurzame inzetbaarheid van werknemers vraagt om jobs die gedurende de hele loopbaan haalbaar blijven en uitzicht bieden op een toekomst op lange termijn. Vanuit deze gedachte investeert de sector al jarenlang consequent in het verbeteren van de werkbaarheid van jobs. 

Dat gebeurt niet zomaar, maar via een samenhangend pakket van afspraken, maatregelen en instrumenten op verschillende niveaus. In een sectorale cao zijn duidelijke aanbevelingen vastgelegd rond werkbaarheid, telewerk en een betere balans tussen werk en privé. Daarnaast ondersteunt de sector bedrijven actief bij het vergroten van de leermogelijkheden voor hun werknemers onder andere door uit gebreide leerprogramma’s aan te bieden en toegang tot VTO-activiteiten te faciliteren.

Ook op de werkvloer wordt werkbaarheid concreet aangepakt, bijvoorbeeld door gerichte en persoonlijke begeleiding te voorzien in specifieke situaties, zowel preventief als curatief. Tot slot investeert de sector in een breed en toegankelijk opleidingsaanbod rond he a’s zoals work-life balance, stressbeheersing en veerkracht. 

Dit rapport brengt verslag van de werkbaarheidsmeting bij werknemers behorend tot paritair comité 3231. Via een schriftelijke vragenlijst (N = 6879) werden werknemers van PC 323 woonachtig in het Vlaamse gewest uitgenodigd om deel te nemen aan de bevraging. In totaal namen 653 respondenten deel.