Stads- en gemeentepersoneel na verkiezingen diverser?

    Lokale besturen hebben nog een lange weg af te leggen naar een meer divers personeelsbestand. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van de stads- en gemeentemonitor die de Commissie Diversiteit heeft opgevraagd. Die tonen dat 7,4% van het stads- en gemeentepersoneel een migratieachtergrond heeft. Dat is bijna de helft minder dan hun aandeel in de actieve beroepsbevolking (13,4%). Met de verkiezingen voor de deur herhaalt de commissie haar aanbevelingen voor lokale besturen. De commissie hoopt dat de nieuwe stads-en gemeentebesturen hier na de verkiezingen werk van maken. Een goede monitoring en rapportering over de tewerkstelling van kansengroepen, ambitieuze streefcijfers en niet langer vasthouden aan de klassieke diplomavereisten dragen bij tot een grotere verscheidenheid op de werkvloer.

    Hans Maertens, voorzitter Commissie Diversiteit: “De lokale besturen hebben als grote lokale werkgever een voorbeeldrol wat betreft diversiteit op de werkvloer. Als zij de verscheidenheid in de maatschappij weerspiegelen, levert hen dat op vele vlakken een voordeel op.  Zo kunnen ze hun dienstverlening beter afstemmen op alle klanten. Bovendien is werk een belangrijke motor voor inclusie en participatie in de samenleving.”

    Vraag geen diploma

    Lokale besturen kunnen vandaag moeilijk mensen aanwerven die niet aan de klassieke diplomavereisten beantwoorden maar wel veel potentieel hebben. De huidige rechtspositieregeling hecht nog teveel belang aan diploma’s. De commissie ziet het anders. Een ervaringsbewijs of relevante beroepservaring moeten volstaan, op voorwaarde dat kandidaten slagen voor een niveau- of capaciteitstest, ook voor stagairs.

    Wees ambitieus

    De commissie vraagt dat lokale besturen ambitieuze streefcijfers gebruiken voor de tewerkstelling van personen met een migratieachtergrond. Bij de nieuwe editie van de stads- en gemeentemonitor hoort een module waarin lokale besturen niet alleen hun eigen cijfers kunnen berekenen maar ook kunnen vergelijken met die van andere besturen. De commissie vindt het belangrijk dat lokale besturen zelf cijfers kunnen berekenen over de samenstelling van hun personeelsbestand, ook naar migratieachtergrond.

    Het aandeel personen met een migratieachtergrond in het stads- en gemeentepersoneel ligt bijna de helft lager dan hun aandeel in de beroepsactieve bevolking. Hoewel er bij lokale besturen tussen 2009 en 2016 een stijging is van 4,8% naar 7,4% (2,6 procentpunt), is hun aandeel in de beroepsactieve bevolking gestegen van 8,5% naar 13,4% (5 procentpunt). OCMW’s stellen merkelijk meer mensen met een migratieachtergrond tewerk (12,1%) dan gemeentediensten in de strikte zin (5,1%) en politiediensten (1,8%).

    Ook de tewerkstelling van personen met een arbeidshandicap kan beter. Gemiddeld genomen halen de lokale besturen het streefcijfer van 2%. Maar dit is dankzij de inspanningen van slechts 45% van de gemeenten en 30% van de OCMW’s. Meer dan 17% van de gemeenten en 40% van de OCMW’s stellen zelfs geen enkele persoon met een handicap tewerk, bleek al in 2015.

    Diversiteit levert veel voordelen op

    De Vlaamse steden en gemeenten zijn een grote en belangrijke lokale werkgever. Onderzoek toont aan dat organisaties met een diverser personeelsbestand economisch sterker staan, meer klantgericht werken en  betere beslissingen nemen. Werk is bovendien een belangrijke motor voor inclusie en participatie in de samenleving. De Vlaamse sociale partners hechten veel belang aan de voorbeeldrol van de lokale besturen inzake diversiteit.