werkbaar werk

De Vlaamse sociale partners en de Vlaamse Regering hebben er een prioriteit van gemaakt om tegen 2020 meer mensen langer aan het werk te houden. Om die verhoging van de werkzaamheidsgraad te realiseren willen de sociale partners en de overheid de kwaliteit van de arbeid verbeteren zodat werkzaam worden en blijven voor iedereen aantrekkelijk is. Om de evolutie te kunnen zien, heeft de Stichting Innovatie & Arbeid de opdracht gekregen werkbaar werk te monitoren of te meten.

De werkbaarheidsmonitor (WBM) meet vier belangrijke aspecten van arbeidskwaliteit:

  • psychische vermoeidheid (werkstress)
  • welbevinden in het werk (motivatie)
  • leermogelijkheden
  • balans tussen werk en privé.

De kwaliteit van de arbeid wordt beïnvloed door een hele reeks factoren. De monitor kijkt naar mogelijke sleutels op de werkplek zelf om de werkbaarheid van jobs te verbeteren. Deze sleutels zijn:

  • werkdruk (werktempo en tijdslimieten)
  • emotionele belasting (contacten met klanten/cliënten/patiënten)
  • afwisseling in het werk
  • autonomie in het werk (invloed hebben op de planning en organisatie van het werk)
  • mate waarin men door zijn/haar directe leiding wordt ondersteund
  • arbeidsomstandigheden.

Om de drie jaar krijgen 20.000 werknemers en 6.000 zelfstandige ondernemers een enquêteformulier: in 2004 (enkel werknemers), 2007, 2010 en in 2013. De opdracht loopt tot in 2020.

Vormingsmateriaal

Onderzoeksmateriaal

Alle informatie over de Vlaamse werkbaarheidsmonitor vind je hier.