De Vlaamse sociale partners zien werkbaar werk als een sleutelelement om nieuw talent aan te trekken en langer (en gezond) aan de slag te houden.

De term ‘werkbaar werk’ werd reeds twintig jaar geleden gelanceerd. Werkbaar werk is werk waarvan je niet overspannen of ziek wordt, dat boeiend en motiverend is, dat voldoende kansen biedt om te blijven leren en voldoende ruimte laat om werk en privéleven te combineren.

Sinds 2004 brengt de werkbaarheidsmonitor de werkbaarheid van de jobs in Vlaanderen in kaart aan de hand van een periodieke survey (om de vier jaar, de laatste dateert van 2023). Naast dit algemene onderzoek doen we in 2025 ook specifiek voor en in nauwe samenwerking met 4 sectororganisaties, een werkbaarheidsmeting: nl. voor de hout- en meubelindustrie (PC 126 – Woodwize), de vastgoedsector (Fonds 323), het Aanvullend Paritair Comité voor Bedienden  (PC 200, Cevora) en voor arbeiders uit de transport en logistiek (PC 140.03, SFTL).

Deze onderzoeken maken deel uit van de dienstverlening SERV\|Stichting Innovatie en Arbeid op het vlak van sectorale werkbaarheidsmetingen bij sectoren die niet kunnen rekenen op een (betrouwbare) rapportage op basis van de algemene Vlaamse werkbaarheidsmonitor (omdat ze klein zijn, omdat ze niet kunnen bepaald worden (vb. APCB),…). De uitwerking van deze onderzoeken is volledig gestoeld op de Vlaamse werkbaarheidsmonitor voor de werknemers.

## Wat onderzoeken we?

De werkbaarheidsmonitor meet -naar analogie van het concept werkbaar werk- vier belangrijke aspecten van arbeidskwaliteit: psychische vermoeidheid (werkstress), welbevinden in het werk (motivatie), leermogelijkheden en de balans tussen werk en privé.

De meting kijkt ook naar een aantal kenmerken van de job die de werkbaarheid van jobs kunnen verbeteren of bedreigen. Deze jobkenmerken zijn: de werkdruk (werktempo, deadlines en hoeveelheid werk), de emotionele belasting (vooral belangrijk bij zogenaamde contactberoepen), de taakvariatie, de mate van autonomie bij de taakuitvoering, de ondersteuning van de directe leiding en de (fysieke) belastende arbeidsomstandigheden.

## Werkwijze

Naar analogie met de methodologie van de Vlaamse werkbaarheidsmonitor betreft het telkens een schriftelijke bevraging bij een representatief staal van loontrekkenden uit het Vlaams Gewest, telkens binnen het paritair comité van de desbetreffende sector. Bij één van de sectororganisaties werd een mixed-mode methode gehanteerd. Deze mixed-mode wordt na afloop grondig geëvalueerd.

### Timing

Deze 4 onderzoeken worden uitgevoerd in 2025 en worden afgerond begin 2026.