De vorige Vlaamse regering keurde op 2 juni 2006 een strategische visienota m.b.t. de Vlaamse regionale luchthavens goed waarin zij het sociaal economische belang van de drie regionale luchthavens ten volle erkent. De Vlaamse regionale luchthavens vormen voor Vlaanderen economische poorten met een welvaartscreërend karakter. Nieuw hierin was de erkenning van de luchthaven Kortrijk-Wevelgem als regionale toegangspoort. De nota stelde een gemeenschappelijke strategie voor die elke luchthaven maximale kansen moet bieden om in de eigen luchtvaartniche de best mogelijke resultaten te bereiken.
Daarom besliste de Vlaamse Regering om de organisatie- en beleidsstructuur te herzien waarbij de luchthavens bedrijfseconomisch moeten kunnen functioneren met meer autonomie, los van de historisch gegroeide structuren. Na afweging van het strategisch belang van elke regionale luchthaven en met een sluitend businessplan, kan de Vlaamse overheid financieel tussenkomen in de kosten van de instandhouding en modernisering van de basisinfrastructuur. Ook publieke functies zoals beveiliging en brandweer kunnen onder bepaalde voorwaarden onder de verantwoordelijkheid van de Vlaamse overheid blijven.
Eind 2007 werd deze nieuwe beheersstructuur voorgesteld met een opsplitsing in een Luchthaven Ontwikkelingsmaatschappij (LOM) en een Luchthaven Exploitatiemaatschappij (LEM).
De luchthavenontwikkelingsmaatschappij (LOM), een publiekrechterlijk vormgegeven EVA, staat in voor:
De luchthavenexploitatiemaatschappij (LEM), een privaatrechterlijke vennootschap, staat in voor:
De overheid zal een concessieovereenkomst sluiten met de LEM, die een vergoeding zal betalen aan de LOM.



