Open innovatie in de bouwsector

    Project status
    Afgerond

    De focus van dit onderzoek is gericht op de processen die zorgen voor duurzame samenwerkingsverbanden tussen bedrijven in de bouwsector met betrekking tot energiezuinige oplossingen. Hierbij gaat bijzondere aandacht naar kleinere ondernemingen, voor wie drempels voor samenwerking nog hoger liggen. De informatie wordt verzameld met kwalitatieve onderzoeksmethoden (interviews en groepsgesprekken).

    Wat onderzoeken we?

    Kwantitatief onderzoek van de Stichting Innovatie & Arbeid leert dat de bouwsector geen voorloper is in open innovatie (Verdonck, Themadossier IOA Kennisbronnen en samenwerking bij innovatie, 2011). Daarom zijn we zijn in deze studie over open innovatie in de bouwsector op zoek gegaan naar voorbeelden bij de early adopters of voorlopers op het vlak van energiezuinig bouwen in het algemeen en het E-peil in het bijzonder. Het E-peil is een maat voor het primair energieverbruik van de wooneenheid en een parameter uit het EPB, de energie prestatie beoordeling voor gebouwen. Het E-peil is een trigger voor innovatie, net zoals duurzaam en ecologisch bouwen waarvan het E-peil één aspect is.

    Werkwijze

    In het project open innovatie in de bouw wordt in casestudies en gesprekken op zoek gegaan naar interessante voorbeelden van open innovatie en de drempels en hefbomen die kennisdelen verhinderen of bevorderen. De onderzoeksmethodologie is gelijkaardig aan deze van het onderzoek over samenwerking bij technologische innovaties (Verdonck, 2011 (1)) en maakt gebruik van diverse kwalitatieve onderzoekstechnieken.

    Timing

    De resultaten van dit onderzoek werden gepubliceerd in september 2012.

    Resultaten

    In de bouwsector is er samenwerking op drie terreinen. Er is de samenwerking bij de producenten van bouwmaterialen en technieken, de samenwerking op de bouwwerf en de samenwerking tussen de producenten en de bouwwerf. Binnen elk terrein is er verticale en horizontale samenwerking of B2B en samenwerking met collega-bedrijven. Zoals in kwantitatief onderzoek is vastgesteld is de samenwerking ook bij de early adopters van innovaties vooral een B2B-samenwerking met klanten en leveranciers. De samenwerking beperkt zich tot kennisuitwisseling en samen ontwikkelen van verbeteringen en vernieuwing in zoverre er geen concurrentienadeel is. Het afschermen van de eigen kennis is de belangrijkste drempel bij de samenwerking tussen collega-bedrijven. Een vaststelling die ook werd gemaakt in een vorig onderzoek over samenwerking tussen bedrijven en kenniscentra (Verdonck, Samenwerking bij technologische innovatie. Drempels en hefbomen voor bedrijven en kenniscentra, 2011). Succesverhalen zijn er in de bouwsector zeker wanneer bedrijven complementaire producten of diensten aanbieden en men door samenwerking zijn marktaandeel juist kan behouden of uitbreiden. Het massiefpassief project, een samenwerking tussen een producent van bakstenen en van isolatie is hier een mooi voorbeeld van. Maar ook in de skeletbouw wordt op deze manier aan open innovatie gedaan. Zo is er het voorbeeld van een samenwerking tussen een algemeen aannemer skeletbouw en een aannemer afwerking ramen en houtwerk.

    Extra drempels zijn er voor kleine bedrijven die moeilijker toegang vinden tot grote bedrijven, omdat deze meer gericht zijn op massaproductie en minder geïnteresseerd zijn in oplossingen op maat. Kleine bedrijven gaan dan ook voor hun oplossingen op zoek naar collega-KMO’s, hierbij ook geholpen door dezelfde bedrijfscultuur, minder bureaucratie en meer flexibiliteit. Vertrouwen is de basis voor een geslaagde samenwerking en dat geldt voor alle bedrijven. Soms worden afspraken geformaliseerd, maar dat is geen sine qua non voor succes. In plaats van samenwerking te zoeken kiezen sommige bedrijven er voor om meerdere activiteiten zelf te combineren omdat interdisciplinaire benadering nodig is, maar samenwerking niet altijd evident. Dit geldt zowel voor de samenwerking tussen producenten als op de werf.

    Het E-peil is een trigger voor open innovatie en vraagt meer communicatie en kennisdelen bij de realisatie van een woning.