SERV steunt Rio+20 voor duurzame toekomst

    SERV-voorzitter Karel van Eetvelt steunt, namens de SERV, de Rio+20 conferentie die streeft naar een duurzame toekomst met minder armoede en sociale ongelijkheid en een betere bescherming van het milieu. Voor Vlaanderen staat die toekomst in het Pact 2020: een overgang naar een duurzame innovatieve en toekomstgerichte economie en een rechtvaardige samenleving.
    Voor een vergroening van de economie zullen we ons gedrag moeten veranderen. De sociale partners zijn er van overtuigd dat groene banen de motor kunnen zijn voor sociale vooruitgang. Via het sociaal overleg willen ze mee oplossingen aandragen voor een groene economie en duurzame jobs.

    Verklaring SERV-voorzitter bij de Rio+20 Topconferentie

    Vandaag verzamelen meer dan 70.000 afgevaardigden van alle landen van de wereld en van alle belangrijke groepen uit de samenleving zich in het Braziliaanse Rio de Janeiro. In de 6 officiële talen (Arabisch, Chinees, Engels, Frans, Russisch en Spaans) discussiëren ze er over de toekomst van onze aarde. Ook de SERV maakt deel uit van de internationale gemeenschap en wil graag een steentje bijdragen. Niet dat wij daarvoor moesten wachten op de nieuwe Wereldtop. Al meer dan 25 jaar staan de concurrentiekracht van de economie, de creatie van duurzame jobs en de aandacht voor het leefmilieu op de agenda van de SERV. We brachten adviezen en rapporten uit over duurzame ontwikkeling, vergroening van de economie, energiebesparing, hernieuwbare energie en maatschappelijk verantwoord ondernemen en initieerden mee het Pact 2020.

    Pact 2020: Toekomst voor Vlaanderen

    "The future we want", wordt de titel van de eindtekst van de Rio+20 conferentie. In Vlaanderen weten we al welke toekomst we willen; daarvoor hebben we de doelstellingen van het Pact 2020. In wezen is het Pact 2020 het scenario voor de overgang naar een duurzame, innovatieve en toekomstgerichte economie en een sociaal rechtvaardige samenleving. Welvaartscreatie, inclusie en duurzaamheid moeten de drie toetsstenen zijn in heel onze werking.

    Groen denken en doen

    Vandaag is de Vlaamse economie volop bezig met transformatieprocessen, ook op ecologisch vlak. Zowel op streekniveau, sectorniveau als bedrijfsniveau, zowel in grote als kleine ondernemingen, zowel in de primaire (land- en tuinbouw, veeteelt), secundaire (industrie) als de dienstensectoren, inclusief de social-profit, wordt onder impuls van de marktomstandigheden en/of op strategisch bewuste wijze ingespeeld op de vergroeningsgolf. Het stemt ons trots dat één van onze eco-actieve bedrijven de European Business Awards for the Environment heeft gewonnen met zijn technologie om herlaadbare batterijen te recycleren.

    Awards zijn mooi en honoreren inspanningen maar ze volstaan niet. Er is nog werk voor de boeg. We geloven niet dat een onzichtbare hand de vergroening zal sturen. Passief wachten is geen goede optie. Sociale partners zijn doeners en willen mee de bakens verzetten. Dat betekent dat we moeten durven verder kijken en denken. Maar ook dat gedragswijzigingen, die we allen zullen voelen, aan de orde zijn.

    Groene jobs voor sociale vooruitgang

    We zijn er van overtuigd dat groene banen de motor kunnen zijn voor sociale vooruitgang mits oordeelkundige begeleiding en sturing. Op onze Groene Jobs-Conferentie van april dit jaar formuleerden we samen met de Vlaamse overheid en de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) enkele succesfactoren voor vergroening van de werkgelegenheid. "Heb aandacht voor de ontwikkeling van competenties en vaardigheden, anticipeer op veranderingen op de arbeidsmarkt, maak tijd voor sociaal overleg en veranker de sociale rechtvaardigheid ", zijn kort samengevat de actiepunten.

    Een actief arbeidsmarkbeleid kan een set instrumenten aanleveren. Er moeten nieuwe vaardigheden bij werknemers en werklozen ontwikkeld worden en werknemers uit kwetsbare sectoren moeten begeleid worden naar nieuwe, groene jobs. Het creëren en behouden van een ondernemingsvriendelijk klimaat is ook binnen de groene economie van groot belang. KMO's spelen een voortrekkersrol in de vergroening van de economie. Zij zorgen voor de grootste jobcreatie en voor een pak innovatie.

    Waardig werk

    Waardige werkomstandigheden en sociale bescherming blijven in de groene economie een belangrijke uitdaging. Sociale beschermingssokkels zijn krachtige instrumenten in de strijd tegen armoede en vóór sociale inclusie en fungeren als stabilisatoren tijdens economische crisissen en structurele overgangsperiodes. En dit geldt niet alleen voor de ontwikkelingslanden. Ook uit landen van het zuiden de Europese Unie bereiken ons alarmerende signalen over de toenemende verpaupering.

    Sociaal overleg voor duurzame jobs

    Bij wijze van afsluiting nog even terug naar het sociaal overleg. Het is op de werkplaats en in de fabrieken dat de drie dimensies van de duurzame ontwikkeling samenkomen. Het is ook daar dat de sociale partners hun basisrol vervullen, en dit in alle sectoren. Vergroening is een allesomvattende evolutie die ook de traditionele economische sectoren beroert. Groene banen alleen zullen de werkloosheid niet volledig oplossen maar ze helpen een groot deel. En last but not least, groene jobs moeten er ook voor de kwetsbare groepen van onze samenleving zijn. Daarvoor zorgen is een gezamenlijke taak van het middenveld en de overheid. Het behoeft geen uitleg dat sociaal overleg de oplossingen mee zal aandragen. Als het om groene economie en groene jobs gaat, zijn de sociale partners de belangrijkste actoren.

    Eén van de basisboodschappen die de International Arbeidsorganisatie uitdraagt is dat de transitie naar een groene economie met duurzame jobs moet plaatsvinden in overleg met de sociale partners, en dat landen waar dit gebeurt beter gewapend zijn tegen de nieuwe wereldwijde uitdagingen. Wij nemen graag deze uitdaging op.