Digitalisering: wij zijn de Uber van werving en selectie – maar dan beter

    Hun bedrijf TEO bestaat sinds juni en kan nu al Umicore, Volvo Cars Gent en Port of Singapore Antwerp tot zijn klanten rekenen. Werner Van den Broeck en Bert Adriaensen tekenden een model voor werving en selectie uit, dat net zo disruptief als veelbelovend is. "Iemand noemde ons de Uber van werving en selectie. Maar wij zijn beter: met ons model wint iedereen."

    Bert Adriaensen en Werner Van den Broeck

    Ondanks alle pogingen van overheid en onderwijs blijven Vlaamse bedrijven kreunen onder het gebrek aan technisch geschoold personeel. Vijf jaar geleden startte ex-leraar Werner Van den Broeck zijn bedrijf Maseos, dat technische opleidingen op de werkvloer inricht. "Werkzoekenden omscholen voor technische functies, dat is een van de dingen die Maseos doet. In enkele weken, en zonder een euro subsidie, trainen we in opdracht van een bedrijf kandidaten met interesse. Via e-learning doorlopen die leermodules op hun tablet, en krijgen ze een eerste kennismaking met techniek. Cursisten die slagen voor die theorie, gaan door naar de praktijklessen."

    Dat praktijktraject organiseert Maseos via mobiele classrooms, in bedrijven en organisaties die ruimte en faciliteiten aanbieden. "Het is een open traject van drie weken, een stevig tempo. En elke donderdag kunnen bedrijven speeddaten met cursisten die hen opvallen. Het gevolg? Bedrijven nemen mensen aan op basis van hun inzet, leervermogen, motivatie en niet op basis van wie ze zijn."

    Flipping the classroom

    De vraag van de markt was groot, maar Maseos bleek niet de juiste plek om dat traject volop te laten groeien. Daarom startte Werner Van den Broeck TEO, kort voor Teaching Each Other. "Ik wil mijn filosofie op grotere schaal verspreiden: thuis leer je de theorie, en de praktijk oefen je met een docent - flipping the classroom. En ik wil dat ook – gratis – teruggeven aan de leraars."

    Dat werd het uitgangspunt van het TEO-model, een driehoek met drie componenten: TEO Training, TEO Atelier en TEO Careers. "Iemand noemde ons de Uber van werving en selectie", vertelt Van den Broeck. "Maar ik vind dat wij het beter doen, want bij ons wint iedereen: de bedrijven, de werkzoekenden, de werknemers en de leraars."

    Stel, een bedrijf is op zoek naar pijpfitters. Dan krijgt het via TEO Careers drie mogelijkheden: zoeken in de cv-databank van werkzoekenden met de juiste competenties, een opleiding organiseren onder het eigen personeel of een leervacature uitschrijven. "Dat laatste is nieuw. Je omschrijft duidelijk en gedetailleerd de competenties voor de job van pijpfitter in een online cursus. Wil je solliciteren? Dan kan je meedoen aan de cursus, in je eigen tempo."

    Zodra kandidaten klaar zijn met de theoretische online modules, gaan ze naar TEO Atelier voor praktijk, waar ze hulp krijgen van docenten. "Dat kan via Maseos zijn, maar het kunnen ook andere loopbaancoaches, leraars of organisaties zijn."

    Drie maandlonen

    Het bedrijf dat de leervacature uitschrijft, kan online de vooruitgang van elke cursist volgen – anoniem. "Geen geslacht, geen leeftijd, geen afkomst: kandidaten worden puur beoordeeld op vaardigheden en motivaties. Springt een kandidaat er uit? Is er iemand die opvallend vlot alle modules doorloopt? Dan neemt een bedrijf contact op met die kandidaat, die daar een melding van krijgt. Kandidaten beslissen dan zelf of ze reageren of niet."

    Gemiddeld kost het traditionele traject van een aanwerving drie maandlonen, met ons model één maandloon. En bovendien krijg je een op maat opgeleide werknemer.

    "Noem dat het Tinder-aspect in ons model", lacht Bert Adriaensen, zaakvoerder van TEO. Bedrijven kopen vijf credits en daarmee kunnen ze onbeperkt kandidaten uitnodigen. ‘Als zo’n kandidaat dan zijn of haar gegevens doorstuurt, betalen ze een van de vijf credits. Bedrijven die van meer dan vijf kandidaten gegevens willen ontvangen, moeten extra credits kopen’, legt Werner Van den Broeck uit. "Gemiddeld kost het traditionele traject van een aanwerving drie maandlonen, met ons model één maandloon. En bovendien krijg je een op maat opgeleide werknemer."

    Iedereen wint

    Bedrijven maken de cursussen voor de leervacature – of betalen een docent om die te maken – en zetten die dan online via TEO. Daarna kunnen alle leerkrachten die content gratis gebruiken als ze een cursus opbouwen. "Opnieuw: iedereen wint", vindt Van den Broeck. "Leraren, want ze werken altijd met de meest recente info, die rechtstreeks uit de bedrijfswereld komt. Vandaag is er een groot tekort aan technische leerkrachten. Die hoeven niet per se meer te verdienen. Maar ze willen wel erkenning, zeker praktijkleerkrachten. En door samen te werken met bedrijven, worden ze weer trots op hun werk."

    Maar waarom zouden bedrijven, die betalen voor de online cursus, die content gratis delen? "Uiteraard haalt een bedrijf de bedrijfsgevoelige of zeer bedrijfsspecifieke informatie uit de cursus. Maar vergis je niet: bedrijven zijn vragende partij. Want de voordelen zijn groot. Op korte termijn: vacatures sneller invullen. En op langere termijn: een geweldige kans op employer branding. Ze krijgen bekendheid bij studenten en cursisten, en vijzelen het imago van hun bedrijf en sector op."

    Blue collar

    In het TEO-model hangt erkenning niet af van wat iemand op de schoolbanken leert, maar wel van de competenties die je haalde, en dat is goed nieuws voor wie het traditionele onderwijs verliet zonder diploma. "Wij leveren met TEO geen certificering, maar bedrijven vragen dat ook niet. Die willen competenties, attitudes. Misschien heb je als student de eindmeet van je studie niet bereikt, en heb je geen diploma. Maar dat wil toch niet zeggen dat je geen competenties hebt verzameld onderweg?", zegt Werner Van den Broeck.

    Misschien heb je als student de eindmeet van je studie niet bereikt en heb je geen diploma. Maar dat wil niet zeggen dat je geen competenties hebt verzameld onderweg.

    De ambities van TEO zijn groot, maar richten zich vooral tot de blue collars: "We willen het model zichzelf laten dragen. Het wordt betaald door wie er voordeel uit haalt: de bedrijven. Dit kan overal en in alle sectoren gebruikt worden. Maar voor hoogopgeleiden of IT’ers is er al heel veel. Daarom willen wij focussen op industrie, bouw, verzorging, en andere sectoren waarvoor nu nog weinig materiaal bestaat", zegt Bert Adriaensen. "Vandaag testen we in Vlaanderen en Brussel, maar zodra het systeem de kinderziekten ontgroeid is, willen we zeker ook internationaal gaan."

    "Dat gebeurt nu ook al, dankzij onze internationale klanten", gaat Van den Broeck voort. "Volvo heeft TEO meegenomen naar Zweden. Logisch toch: de problemen zijn niet alleen in België nijpend. Toch willen we niet meteen te ver springen. Nu zoeken we vooral bedrijven die leervacatures willen bestellen. En leraars die instappen in de praktijkateliers."

    Onderwijs, werving en selectie: is dat eigenlijk geen job voor de overheid? Vandaag loopt de opleidingsfilosofie in België spaak, vindt Van den Broeck: "Ik ben leraar geweest, en ik zie dat de problemen alleen maar groter worden, en alle collega’s en bedrijven zien dat ook. Vandaag zit alle informatie veel te veel verspreid. Kennis wordt afgeschermd en verstopt, partijen werken veel te weinig samen. Daarom wil ik dit doen."

    Dit interview maakt deel uit van een reeks die SERV maakt in opvolging van de SERV-oproep voor een digitale beleidsagenda. ’Toekomstgerichte competenties ontwikkelen’ en ‘competentiegericht matchen en rekruteren’ zijn daarin een van de kernaanbevelingen.